Hij stond sinds een jaar of twee bij het zien van de beelden uit de Tour de France rood omcirkeld op mijn wensenlijst: de Croix de Fer. Een lange klim in schitterende natuur. Vandaag beleef ik of mijn verwachtingen waargemaakt worden.
Met Ivo stap ik vanaf de camping in Bourg d’Oisans op de fiets. Rogier denkt aan zijn beperkte voorbereidingstijd en gaat met de auto naar Allemont, het plaatsje bij de voet van de Croix de Fer. Rogier meldt ons deze ochtend dat volgens de website www.klimtijd.nl de Croix de Fer elf procent gemakkelijker is dan de Alpe d’Huez. Opvallende stelling, omdat de klim zo’n tien kilometer langer is dan de 21-bochter. De percentages zullen dan wel meevallen, verwacht ik.
Twee voor de prijs van één
Kort na le Lac du Verney begint de beklimming van de Croix de Fer echt. Ook die van de Glandon trouwens. Deze bergtoppen liggen namelijk 2,5 kilometer van elkaar vandaan. Vandaag doen we dus twee bergtoppen aan voor de prijs van één. Kunnen we met ons bergtopfoto’s stoer de sier maken richting de mindere klimkenners.
De eerste kilometers van de Croix de Fer zijn behoorlijk zwaar. In deze bosrijke omgeving is de weg naar mijn beleving het steilst. Ik heb gelukkig weinig last van de beproevingen van een dag eerder en kom dit deel goed door.
Het landschap is heerlijk. Het bos, een riviertje, watervalletjes en af en toe het uitzicht op de bergtoppen waar ik – denk ik – naar onderweg ben, zijn genieten. Vanaf het dorpje Le Rivier d’Allemont komen daar ook nog eens prachtige uitzichten op een fraai bergdal bij.
Karweitje voor de terugweg
Kort na dit dorpje volgt een serieuze afdaling dit mooie dal in. Een bord waarschuwt zelfs voor een helling van 12%. Dat betekent niet alleen dat het magere totale percentage van vier à vijf procent deels wordt verklaard, maar ook dat er op de terugweg nog een karweitje ligt te wachten.
Ik daal stevig door en probeer mijn ritme vervolgens weer te vinden op de stijgende meters. Misschien komt het doordat de weg hier flink steil is, zo ervaar ik het althans, maar ik krijg de vaart er amper in. Ik word daarbij ook niet geholpen door dreigende krampscheuten, die zich met name melden als ik op de pedalen ga staan. Lekker blijven zitten dus.
Ik laat de boomgrens achter me en zie dat een groot stuwmeer, witte bergtoppen en nog meer mooie watervallen hun intrede doen in het toch al schitterende landschap.
Kort na het meer gaat de weg weer een kilometer of twee omlaag, waarna het laatste deel van de klim begint. Ik passeer de splitsing naar de top van de Glandon en krijg de eindbestemming in mijn vizier. Een aantal skiliften heeft inmiddels ook een plaats opgeëist in het bergdecor. Het moet hier ’s winters ook tof zijn.
Na een rit van veertig kilometer rij ik over de finish van de berg die op 2064 hoogtemeter ligt. Op de top raak ik aan de praat met een wielrenner uit Grenoble (die kan dus altijd zulk klimwerk doen – jaloers!) en we maken een foto van elkaar bij de borden van de bergtop. Daarna loop ik een rondje en maak onder meer video’s voor Tijn, Jort en Meinou en voor mijn jarige nichtje Liz.
Croque Monsieur
Ik heb flinke honger en dorst – er zit geen druppel water meer in mijn bidons – en plof in het zonnetje neer bij het enige restaurantje op de top. Als ik vertel iets te willen eten, wordt me meteen gevraagd of dit een Croque Monsieur moet zijn. Nou, prima. De in kaas gegoten soort tosti en zoute patat smaken me voortreffelijk.
Vier sterren
Tijdens het eten bereikt Ivo de bergtop. Hij heeft zich na zijn dodemanstocht op de Sarenne knap hervonden. We zijn het erover eens dat de Croix de Fer een topklim is. Bijzonder is dat ik op de hele klim geen enkele fietser heb ingehaald en ook zelf niet voorbij ben gereden. Ook het aantal auto’s was vandaag zeer gering op de col. In mijn persoonlijke lijst met zelf gefietste cols krijgt de Croix de Fer vier sterren, wat ‘m op dit moment op plaats vier brengt, achter de Stelvio, Mont Ventoux en de Izoard.
Rogier heeft het vandaag veel zwaarder; hij komt een stuk later (een klein uur na mijn aankomst) afgepeigerd boven. Als hij bereik had gehad op de Glandon-splitsing, had ‘ie ons gemeld dat ‘ie daar gestopt zou zijn, vertelt hij ons later. Maar keuze had hij met zijn bijnaam Kroi Kroi natuurlijk ook niet. Hoewel hij bij zijn aankomst stelt dat het voor ‘Croix bijna te ver’ was. Ik heb respect voor zijn bikkelwerk, zeker omdat Rogier een vrij ongetrainde fietser is. Misschien is vanaf vandaag ijzeren Croix Croix een goede bijnaam voor hem.
Na de lunch en flesjes Coca-Cola dalen we af naar de Glandon-splitsing om het kleine stukje naar de top af te leggen (zie m’n video ‘In 4 minuten op de Glandon‘). We maken een snelle foto bij de Glandon-borden en vervolgen de afdaling van de Croix de Fer.
De afdaling is heerlijk. De weg is goed en overzichtelijk en de omgeving blijft voortreffelijk. Wel moet er af en toe nog geklommen worden, maar de benen kunnen dit gelukkig weer prima aan. Mijn maximale snelheid zet ik vandaag op 71,5 kilometer per uur. De video van mijn hele afdaling kun je hier bekijken.
Stoer doen
Omdat de benen goed genoeg voelen, doe ik stoer bij le Lac du Verney. Ik sla niet rechtsaf naar Allemond, maar ga rechtdoor naar Villard Reculas. Dat is een van de drie wegen om Alpe d’Huez te beklimmen. Ik wil dit vooral graag doen om op de balkonroute uit te komen, waarover ik veelbelovende verhalen heb gehoord.
Opvallend is dat deze onbekende klim, in tegenstelling tot onder meer de Croix de Fer en de Alpe d’Huez, wél kilometerbordjes bevat waarop ik kan zien hoelang de klim nog duurt, hoe steil de komende kilometer is en hoe hoog ik me bevind. Ik moet in totaal ruim elf kilometer, zegt het eerste bordje me. Pfff.
Harken
Het lijf voelt vermoeid aan en mijn kont gaat zeer doen. Het tempo is er volkomen uit, maar ik hark door. De klim is tot aan Villard Reculas niet zo bijzonder. Net als de Alpe d’Huez een grote brede weg met een – voor Alpen-begrippen – matige directe omgeving. Door de bomen krijg ik ook weinig mee van het uitzicht.
Indrukwekkend balkon
Na Villard Reculas is het nog een klein stukje tot de balkonweg begint. De smalle weg doet zijn naam alle eer aan, vooral vanwege de enorm indrukwekkende uitzichten op Bourg d’Oisans en het omliggende gebergte. En de superdiepe afgronden; achter een houten reling is de muur kaarsrecht en vele honderden meters diep.
De Pas de la Confession, zoals de klim heet, duurt nog iets meer dan een kilometer, waarna ik me kapot meld voor een foto bij het bergtopbord. Daarna volgt een stuk ‘Alps plat’ en begint de afdaling naar het dorpje Huez. Door de grote hoeveelheid zand en kiezels is mijn daaltempo laag.
Na Huez kom ik op de bekende weg van de Alpe d’Huez en kan ik mijn snelheid stevig opschroeven. De afdaling bevalt goed. De laatste meters moet ik in de remmen om rechtsaf de camping op te rijden. Daar zitten Ivo en Rogier al vrolijk aan het bier. Na 92 kilometer en 2.500 hoogtemeter heb ik er ook wel een verdiend. Proost!
Videocompilatie van de rit over de Croix de Fer en Pas de la Confession
Het avontuur op Strava









Leave A Comment